Burgemeester Kessen uit Heer nam in 1945 het initiatief om jaarlijks op of rond 12 september een herdenkingsplechtigheid te houden op de plek waar de twaalf terechtgesteld waren. Gedurende de periode 1945-1947 werd de fusilladeplaats gemarkeerd door een houten kruis. In 1946 werden, door enkele Belgische inwoners van de toenmalige gemeente Heer, initiatieven genomen om een comité in het leven te roepen dat een waardig monument voor deze verzetshelden moest oprichten.Het comité bestond uit de volgende personen: voorzitter J. Ramaekers, secretaris-penningmeester J. Vrijens en leden L. Meesters, J. Geijs en A. Gijsen. Het verwerven van voldoende financiële middelen was in die tijd niet gemakkelijk. Met steun van het gemeentebestuur van Heer, diverse verenigingen, ondernemers en particulieren werd ongeveer 2.500 gulden bijeen gesprokkeld. Beeldhouwer J. Weerts uit Maastricht kreeg opdracht een stijlvol en passend monument te ontwerpen. Vier jaar na de zeldzaam gemene fusillade, de terechtstelling van twaalf verzetsstrijders, zonder enig proces, werd op 12 september 1948 het monument onthuld.

Monument

De plechtigheid in het openluchttheater van Huize Sint Joseph begon met een heilige mis. Voorganger was de deken van Maaseik. Aanwezig waren onder andere de gouverneurs van Belgisch en Nederlands Limburg, de heren Verwilghen en Houben, de burgemeesters van Heer en Maastricht en de burgemeesters van de Belgische gemeenten waaruit de gefusilleerden afkomstig waren; verder een aantal vertegenwoordigers van de weerstand (verzet) in België en het verzet in Nederland.

De herdenking is een jaarlijks terugkerende plechtigheid op de tweede zondag van september. Een hoogtepunt in de geschiedenis van het monument was het bezoek van koning Boudewijn, koningin Juliana en prins Bernartd aan het monument op 11 juli 1959.